20 oktober. Vroeger toen
ik nog bij de padvinderij was, liepen we met de
kabouters en later bij de grote padvindsters hele einden
om bij een stuk hei te komen waar we gingen seinen of
spoorzoeken. Het heette Het Rommelgebergte. Onderweg
zongen we van die fraaie liedjes als :
Ik heb een pótje met vet,
al op de táááááfel gezet,
een potje potje potje
potje vèèèèt, al op de tafel gezet.
Dit was het eerste
couplet, nu volgt het twééde couplet.
Ik heb enz.
Dat ging over een potje zoals je begrijpt. Ook het potje
met pieren, het potje voetbal, het potje koffie en het
potje vechten zijn bekende begrippen.
De radionieuwsdienst had het gisteren ook over een
potje. ING-bank, de Nederlandse Bank en de regering
overleggen al de hele dag over de financiële injectie
die ING eventueel kan krijgen uit het potje van
20 miljard euro. Dat woord potje in dit verband schoot
me in het verkeerde keelgat.
Als je het over 20 miljoen euro hebt, dan denk je, ach
dat is ruwweg 1 euro per Nederlander. Daar komen we wel
overheen, maar 20 miljard! Dat is 1000 euro
belasting voor elke Nederlander. Is dat een potje??
Schande om er zo over te praten!
Jullie maken er een potje van nieuwsdienst. 't Is geen
vetpot.
21 oktober. Van zo'n
ochtendsfeer hou ik toch zo verschrikkelijk veel. De
lucht begint in het oosten al op te lichten en er is al
activiteit te zien van vliegtuigen. Je hoort ze niet of
nauwelijks, zo hoog zitten ze. Aan de grond is het nog
rustig, maar de eenden in het water maken al (of nog)
een behoorlijk lawaai. Op het fietspad in de verte
verplaatsen zich lichtjes, want de scholen zijn weer
begonnen. De visser uit Recklinghausen staat er ook
weer; het zijn allemaal zulke vertrouwde en kalme
dingen, dat je bijna de toestand in de wereld vergeet.

Vanmorgen hoosde het, de foto is van gisteren.
Toen we net door het dorp reden, viel het ons weer op,
dat daar de vuurdoorns bij de huizen en in het park nog
vol met bessen zitten. Bij ons zijn ze al weken volkomen
kaalgevreten. Zo gaat het hier met de lijsterbessen, de
vlierbessen, de klimopbessen, de rozebottels en wat er
nog meer te snaaien valt. Er zijn wel veel vogels hier,
maar in het dorp ook. Komen hier misschien meer
trekvogels dan in de bebouwde kom? Worden in het dorp de
vogels nu al bijgevoerd en hebben ze liever
aardappelresten dan bessen?
Over bijvoeren gesproken: Vorige week stond er een
stukje in de krant over een hertenweitje waar mensen
maaltijdresten over het hek kieperden. De beheerder
noemde o.a. bakken met bami/nasi en vleesresten. En dat
voor dieren die uitlopers van bomen en struiken, gras en
eikels eten.
22 oktober. De eekhoorns hebben toch nog een partijtje
walnoten voor ons overgelaten. Erg bedankt, jongens! We
hadden er al haast niet meer op gerekend. Nu weet ik
immers ook hoe we ze moeten bewaren. Dat is
gewoon een kwestie van 'leren van je fouten'
geweest.
Jaar 1. Noten niet drogen, maar ze in een sloop ergens
neerleggen. Ze schimmelen.
Jaar 2. Noten drogen in de vensterbanken. Die aan de
zuidkant zijn mwah, te eten, die aan de westkant smaken
muf. Vieze vensterbanken, geen gezicht. Ik heb liever
bloeiende planten.
Jaar 3 tm 15. Laat ze alsjeblieft voor de eekhoorns
liggen. We kopen Californische.
Jaar 16. Toch eigenlijk jammer als je zelf noten hebt.
We doen het anders. Noten voordrogen in de
heteluchtoven. Gaat prima, de damp stijgt op. Alleen
zijn de noten gaar geworden, bij het opwarmen ging het
iets te hard.
Jaar 17. Noten een dag in de oven drogen op 50ºC. Noten
zijn ingedroogd.
Jaar 18. Oven op allerlaagste stand voorverwarmen,
minder dan 50ºC, dan de noten een halve dag op roosters
laten drogen. Dit gaat prima!! We doen ze bij kleine
porties in lege sinaasappelnetjes die we op een
onopvallende plek tussen kast en muur in de kamer
hangen. We schudden de zakjes zo nu en dan door elkaar.
En nu is de kwaliteit behoorlijk goed.
Gewoon: al doende leert men. Wil je een zakje? Geen
enkele moeite hoor!

23 oktober. De
fysiotherapie geeft aanleiding tot een aardige
ontmoeting. In de gang kom ik een oude vriendin van onze
jongste dochter tegen, die daar fysiotherapeut is.
Ze herkent mij wel, maar ik haar nauwelijks. Ze is
grijzer dan ik, dat is een schok. Drie weken geleden zag
ik haar namelijk ook en toen had ze nog heel donker haar
en was ze een stuk kleiner. Ze had me toen alleen maar
vriendelijk toegelachen. Nu riep ze vrolijk: Wat leuk,
de moeder van Carla! Ik zei, dat ik het ook fijn vond
haar weer te zien. Er zijn echt geen twee vrouwen met
dezelfde naam. De donkere moet een ander geweest
zijn. 35 Jaar is ook een hele tijd. Ik ben niet erg goed
in gezichten.
Thuis vertelde ik over het verschil in behandelruimte
tussen deze praktijk en de vorige waar we 'klant' waren.
Hier zijn kamers met deuren, maar de aankleding is
sober, daar waren hokjes met gordijnen ervoor, maar de
behandelbanken waren royaler.
Jachman vertelde, dat de 'baas' van de vorige praktijk
langs de hokjes liep en de medewerkers controleerde. Op
een keer hoorde Jachman hem roepen: 'Wim, denk je eraan
meneer Jachman straks een compliment te geven voor zijn
mooie sportbroek?'
Jachman moest nog naar de oefenzaal en had zoals de week
ervoor als sportbroek zijn zwembroek bij zich die zeker
20 jaar in mode achterliep.
Vorst aan de grond.
Terwijl we liepen zagen we om 8 uur het gras van bermen
en wei bevriezen. Thuis was goed de cirkel onbevroren
gras onder de eik te zien.
24 oktober. Een
spectaculair morgenrood vanmorgen. Om stil van te
worden. Even dan.

De vogeltrek komt op gang. We zien
groepen kleine vogeltjes, die niet te determineren zijn
door ons. We zien ze vooral vanuit de kamer en moeten
dan tegen de zon inkijken. Alle vogeltjes zijn zwart en
vliegen vooral vrij laag, op boomhoogte. Van bos naar
border naar ander bosje en zo zuidwaarts. In de bomen
van 't Bönnink slapen ook vaak kleine trekkers. Ze zijn
's morgens in de schemering druk aan het kwetteren en
fourageren voor ze op weg gaan.
De staartmezen blijven dichtbij 's winters. Misschien
zijn die van ons wel naar het zuiden getrokken en zijn
dit noordelijke vogels. Net als de merels en roodborsten
die hier 's winters zijn.
Ik las dat als je 's winters vogels bij je huis wilt
zien, je al in de herfst moet beginnen met voeren. We
hebben het toen wel eens gedaan, maar ontdekten, dat pas
beginnen met voeren bij sneeuw en vorst meer dan genoeg
vogels aantrekt.
Ik schreef al eens over zwammen die op beschadigde bomen
groeien en de dood van die boom veroorzaken. De
beschadigingen ontstaan vaak laag boven de grond bij het
maaien van bermen, waarbij iemand met een bosmaaier rond
de boom maait, voordat de zitmaaier de rest komt maaien.
De stam van klimop wordt vaak
met een kettingzaag doorgezaagd, waarbij dikwijls de
stam van de boom beschadigd wordt.
In het laatste bericht van de PAN die hier overal
onderhoud verricht, pleit de coördinator Jan Stronks
ervoor de klimop zoveel mogelijk ongemoeid te laten. Een
man naar mijn hart!
Klimop in een gezonde eik geeft misschien juist
bescherming tegen de eikenprocessierups. Door de
begroeiing blijft de stam droger en krijgen ook
schimmels geen of minder kans.
Jan denkt dat het traditie is hier om de klimop door te
zagen.
Ik denk dat hij daarin gelijk heeft. Vroeger ging echter
het doorzagen van klimop met een handzaag en die was
beter te controleren dan een kettingzaag.
25 oktober. Hoe is het met het zien van kleur? Als
ik zeg dat die berk een witte stam heeft, dan vindt een
ander dat te simpel, die stam is nu vanmorgen zacht
geelwit maar vanavond zal hij bij ondergaande zon
zalmrose zijn. Als het morgen zwaarbewolkt is, lijkt hij
wit. Een kwestie van lichtweerkaatsing. Zien trouwens
alle mensen de kleuren hetzelfde? (afgezien van
kleurenblindheid) Ziet iedereen de kleur van die berk met al zijn
nuances precies hetzelfde? Hoe zou je dat te
weten kunnen komen?
Dat verschil in 'kleur zien' was heel
duidelijk bij Who's afraid of Red Yellow and Blue van
Newman, dat bijna effenrode schilderij. Er waren mensen
die bij het origineel duizelig werden als ze er op een
afstand van een meter of 5 naar keken, maar die daar na de
'restauratie' niets van merkten.
Bij geluid horen, heb je duidelijke verschillen.
Sommige mensen hebben een absoluut gehoor. Anderen
hebben dat niet, maar ze kunnen wel boventonen
onderscheiden, terwijl weer anderen vooral het ritme
horen, merken of iets vals klinkt, enz.
Ik bedoel niet of je iets mooi vindt om te zien,
maar of objectief te meten is of mensen wel of niet
hetzelfde zien.
Zondag 26 oktober. Einde zomertijd. Gelukkig hebben we
nu weer 'gewoon' tijd. Gelderlander en Telegraaf hebben
het over wintertijd maar de Volkskrant noemt het correct
einde zomertijd. Het is ook iets bedachts, die
zomertijd. In 1916 in Engeland als Daylight
Saving Time ingevoerd.
Ik heb het natuurlijk ook gewoon over zomer-en wintertijd, wel zo
makkelijk.
Hier staat voor
Nederland een tijdtabel.
Aanvankelijk gold het in Nederland trouwens niet
algemeen, die zomertijd. De grote steden hadden eerder
zomertijd dan het platteland. Aanvankelijk had elke
plaats zo ongeveer zijn eigen juiste tijd, te zien op de
torenklok. Waar treinen liepen, moest natuurlijk een
dienstregeling komen met een uniforme tijd. Langs de
spoorlijnen kwamen telegraafpalen en op de stations
grote klokken. Vanuit Amsterdam werd de juiste tijd
doorgegeven. De stationsklokken gaven in het begin vaak
een andere tijd aan dan de torenklok.
Vanmorgen liepen we bij
glorentijd. Hoge rose bewolking en daaronder
voortjagende grijsblauwe slierten. Niemand gezien,
alleen een paar tentjes van nachtvissers. Drie kwartier
gelopen en toch waren we al om half acht weer thuis.
Morgen eindigt bij ons de zomertijd pas.
27
oktober. Al om 7 uur een ontmoeting bij het
Hilgelo, man met hond die altijd al terugkomt lopen als
wij gaan. Nu vertelde hij, dat hij een zoon had die naar
hij meende les kreeg van een schoonzoon van ons, in
Doetinchem. Bij verder doorpraten bleek dat de jongen
tegen de leraar gezegd had dat hij uit Winterswijk kwam
en daar en daar woonde. De leraar had gezegd dat zijn
schoonouders daar vlakbij woonden, aan de weg bij de
beek. 't Verhaal klopt precies, onze schoonzoon geeft op
meer plaatsen in Twente en de Achterhoek les.
De man die het vertelde, keek er heel vrolijk bij, dus
de lessen aan zijn zoon zullen wel goed gaan!
Wat ook goed gaat hier is de konijnenstand. Het schijnt
met konijnen die verderop in het veld wonen minder te
gaan vanwege de vossen en de jagers. Maar de vossen
wagen zich, denken we, niet zo dicht bij de bebouwing,
de jagers hebben hier geen jachtterrein en nu passen de
konijnen zich aan en wonen dicht bij de mensen.
Ze houden ook nog eens van kort gemaaid gras en van zand
voor holen. Wij voldoen aan al hun voorwaarden en
zitten kennelijk in hun bestand. Net zaten er verdorie
al vijf te donderjagen op nog geen 20 meter van het
raam. Het is geen net gezinnetje, nee, het zijn van die
jongvolwassen feestvierders. Ga een endje verderop
bozzen!
28 oktober. De
Aceraceae, zo heet tegenwoordig de familie Esdoorn, is
een grote familie met wel honderd soorten. In het boek
van Colin Tudge 'Het verborgen leven van bomen'
levensloop, functie en betekenis, 520 pagina's,
Uitgeverij Het Spectrum, 2006, ISBN 90 274 8468 6, zocht
ik naar die doorns, omdat ik die zelfs bij de oude
Harwig niet vond. Ik ken wel 10 soorten esdoorns, maar
niet een ervan heeft doorns. Terwijl ik aan het zoeken
was, vond ik wel algemene informatie over doorns, in het
hoofdstuk Het sociale leven van bomen, maar niets over
de naam esdoorn.
Elk jaar verbaas ik me in de herfst over de rode esdoorn
bij de schoppe. Hij wordt nu nog feller rood. Mijn oog
ziet het rood donkerder dan de camera, die de
glinsteringen als bijna wit weergeeft.

Tudge legt in duidelijke taal
uit hoe het rood verkleuren in de herfst werkt. Voor de
rode kleur in planten zorgt een flavonoïde met de naam
anthocyanine. Het wordt niet zomaar gemaakt, want het is
chemisch gezien 'duur' voor de boom. Waarom wordt het in de tropen
aangemaakt in vooral jonge scheuten, maar in gematigde
streken in afstervend blad. Wat is het nut? Wat is de
overeenkomst?
Wij en ook bomen moeten suikers verbranden met behulp
van zuurstof om onszelf van energie te voorzien. Maar
zuurstof is zo effectief bij de verbranding van suikers,
dat het als het ware niet onder controle te houden is en
vrije radicalen gaat produceren die schadelijk zijn voor
het DNA. Mensen kunnen die vrije radicalen in de hand
proberen te houden door zich uit te rusten met
antioxydanten, zoals de vitamines C en E.
Planten die rood kleuren doen het met behulp van
verschillende enzymen en fenolen, waarvan anthocyanine
er een is.
Bomen zijn zeer kwetsbaar voor een aanval van vrije
radicalen als ze onder stress staan.
In de tropen zijn jonge scheuten in de top van een boom,
onder een felle zon en soms met watergebrek, zeer
kwetsbaar. Een extra dosis anthocyanine biedt
bescherming. Maar waarom worden dan in gematigde streken
bladeren rood die toch al aan het afsterven zijn? Ook
die bomen zijn kwetsbaar door stress. Voordat de
bladeren afvallen moeten herbruikbare stoffen zoals
chlorofyl eruit en in de stam opgeslagen worden voor
nieuwe bladeren volgend jaar. Dit afbraakproces zorgt
voor stress. Voor het werk klaar is, kan een aanval van
vrije radicalen plaatsvinden, wat gestopt kan worden door extra anthocyanine
aan te maken, die de zuurstof onder controle houdt en
ervoor zorgt dat de afbraak van chlorofyl verder goed verloopt.
Waarom worden niet alle bomen rood?
Niet elke boomsoort
maakt gebruik van dezelfde strategieën om te overleven.
Sommige gaan liever gedeeltelijk dood, want ze
maken in het voorjaar gemakkelijk nieuwe uitlopers aan.
Zulke boeken lees ik graag, ook al onthou ik
tegenwoordig niet veel van wat ik interessant vind. 'k
Ben benieuwd of ik morgen nog weet hoe die rode stof
heet!
29 oktober. In de dode beekarm staat weer een
laagje water. In en op het water drijven veel bladeren
en takken, waar een reiger langzaam en zoekend naar iets
eetbaars tussendoor waadt. Hij vliegt verontwaardigd op
als wij er ook even willen kijken. Het loopspoor door de
beek blijft achter.

Jo bracht eergisteren de bloembollen voor het goede doel
die we besteld hadden en gisteren zette Jachman zijn
portie, 60 narcissen, in de grond. Ik wil mijn deel, de
mininarcisjes, sneeuwklokjes en scilla's helemaal
achterin de achterste border poten, zodat we ze alleen
maar zien als we het pad langs de wei lopen. In het
voorjaar doen we dat sowieso vaker dan nu, omdat er elke
dag iets nieuws te zien is. Het moet eerst wel even goed
regenen, want de grond is daar nog tamelijk droog.
Gisteren geen drup meegehad van al het slechte weer.
30 oktober.

De afgelopen dagen zagen we een ploeg mensen
bezig de oever van het Hilgelo te versterken met
paaltjes en matten. De meerkoeten weten nog niet of ze
het leuk moeten vinden of niet. Er zwom er één vanmorgen
slalommend tussen de paaltjes door, die vond het
kennelijk leuk. Een paar anderen kwekten op een afstand;
met hun kont naar de krib gekeerd zou je haast zeggen.
Vinden dat gedoe niet leuk.
De struikenwal is voor een groot deel gesneuveld, maar
loopt volgend jaar wel weer uit. Hoop ik.
De zon scheen zo vroeg al fel in het bos. Dit
lichtpatroon leek wel een kerkraam.

Twee boeken via Bol.com
verkocht. Tempo ligt niet echt hoog, 2 in 2 weken, ik
wacht nog maar even met er meer op te zetten. De kasten
moeten een beetje leger worden. Er liggen bijna
meer boeken dwars op andere dan er op de planken staan.
Exemplaren die ik niet meer lees en er nog goed uitzien,
gaan weg.
31
oktober. Bij de
Boekgrrls
kwam een gedicht van
Levi Weemoedt vol galgenhumor voorbij. Ik vond
het echt wel leuk, een gedicht op de manier van de
opgewekte radio-ochtendgymnastiek maar dan nu één over
avondgymnastiek met zwaarmoedige gedachten, dat met de
strop eindigt.
Het slot:
'Draai om en doe dit nog een keer.
Dit was het dan, tot volgend maal maar weer!'
Leuk.
Maar waarom rol ik bijna van mijn stoel van het lachen
om het superkorte eigenlijk niets zeggende
gedichtje van Weemoedt:
In mei
In mei
bak ik
iedere
mor-
gen
'n
ei
Mijn verklaring
1. In mei legt elk vogeltje een ei
2. De vorm: Het ei valt uit het vogeltje
3. De vorm: Het ei wordt in het midden doorgeslagen op
de rand van de pan en een sliertje lekt na.
4. het ei is dan na het bakken 'in mij'
5. Vooral het beeld van een opgewekt ei leggend
vogeltje, dat vergeefs bezig is omdat de dichter het
eitje onmiddellijk bakt.
Nu ik deze uitleg nalees, begrijp ik, dat ik
waarschijnlijk de enige ben die dit gedichtje leuk
vindt.
Morgen begin ik met pagina log 23, waarin de
dagelijkse logjes boven de voorgaande komen te staan.
Kijken hoe dat bevalt.