17 april. Er zijn ook nog wel vrolijke regenwolken.
Zoals deze.
De bergen stenen die bij de paardenwei lagen, hadden
niet de bestemming stookplaats. Ze zijn bedoeld om de
oever van het Hilgelo te versterken. Een enorme shovel
heeft het wandelpad vernield om dat karwei te klaren,
maar de hoop gravel ligt al klaar om dát weer te
herstellen. Afzinken van stenen zien wij, als
landrotten, eigenlijk nooit.
Hier de stalen net'doos' waar het deksel nog overheen
moet en de afgezonken zak stenen.
Dat alles onder een zware mistdeken, waar even later de
zon doorheen prikt.

De narcissen liggen nu voor de derde morgen op rij plat
op de grond. Ik ben benieuwd hoevaak ze die vorstaanval
doorstaan en weer overeind komen. Alleen de bloemen die
helemaal uit zijn, liggen, de knoppen staan overeind.
Ekster heeft merelnest al geïnspecteerd, ziet er
degelijk en ruim uit, kunnen veel mereltjes in.
Onthouden!
16 april. Vanmorgen was de wei weer wit bevroren, net
als gisteren. In de zon is het overdag lekker warm, max.
14ºC, maar dat is geen temperatuur om 's avonds buiten
te eten. Vorig jaar deden we dat al voor de 5e dag op
rij en hadden we 's middags al verschillende keren
buiten brood gegeten.
Maar mooi is het wel, kijk nou eens naar zo'n
esdoornblad in wording.
De blauwe druifjes bloeien al bijna 4 weken en dat is
weer wel een goede kant van de kou, bollen staan veel
langer in bloei.

15 april.

De linker foto stond zaterdag in de krant. De kudde
wordt ingezet om op de Huininkmaat, de Scholtenbrug en
op bermen in het buitengebied het gras kort te houden.
Het is een prachtig gezicht en gehoor. De twee
schaapherders hebben twee kuddes van elk 250 volwassen
dieren. Van een deel van de kudde maakte ik in Kotten
drie jaar geleden een foto.
Merel heeft op dag drie al een aardig onderkomen
gebouwd. De kamperfoelie wordt echter elke dag dichter,
zodat het nest bijna niet te onderscheiden is. Ik zei
tegen Jachman dat het kennelijk een alleenstaande moeder
is, je ziet nooit een man in de buurt.
J. veronderstelde, dat die 'werk' ergens anders had.
14 april. Stukje over Stonehenge zaterdag in de Volkskrant
op pag 4. We hebben allebei grote belangstelling
voor de overblijfselen van de prehistorie en gingen in
1990 op de fiets vanuit Portsmouth naar Stonehenge om te
ondergaan hoe het is om op deze oude en belangrijke plek
te zijn. We overnachtten in Amesbury bij een dompteur en kleumden
bij het beroemde complex bij een armoedig houten
ontvangstgebouwtje met een
onvriendelijke mevrouw die de deur geen minuut eerder
opendeed dan 5 minuten over 10 uur, ook niet toen ik beduidde heel
nodig naar de wc te moeten. Toen mochten we nog
niet eens naar de stenen, want er was een excursie van
mensen uit Londen. Het gewone publiek mocht er pas een
paar uur later in. Verontwaardigde mensen die over het
hek klommen, werden teruggejaagd. Je moest nog behoorlijk betalen
ook om een
rondje om de stenen te mogen lopen. Aanraken was er niet
bij, laat staan ertussendoor lopen of er tegenaan gaan zitten. Er
was een draad omheen gespannen en verder was het streng
verboden toegang.
Goed, Stonehenge dus. We lezen wat we erover tegenkomen,
ook dit stukje in VK.
Verslaggever weet niets van het onderwerp, maar
produceert wel de leukste zin, die ik in Stonehengeverband
ooit las.
Eerst staat er: Britten beschouwen de 4.500 jaar oude
stenencirkel, aldus een recente enquête, als het op een
na markantste bouwwerk van het land ( na de Big Ben).
Dan verder:
Stonehenge is bovendien een van de meest mysterieuze
attracties in de wereld. Nog steeds is niet
duidelijk waarom de metershoge stenen in Wiltshire
staan, op anderhalf uur rijden van Londen. LOL!
zondag 13 april. Leuk! Een envelop in de bus, Aan de
bewoners van dit mooie huis, met een foto erin die
vorige herfst gemaakt is. Zulke dingen maken een hele
dag goed.
Net als de merel die na drie dagen toch maar besloten
heeft pal voor mijn raam in de kamperfoelie een nest te
bouwen. In de kamperfoelie pal voor mijn raam dus.
Kiek'n wat wordt. Er sluipt in de schemering 's avonds
een dikke rode kater rond, die je alleen maar ziet als
het nestbouwtijd is. Inwendig nototieboekje bij zich?

We liepen vanmorgen nog in de zon een rondje
Hilgelo. Even kijken wat de zandzuiger heeft
achtergelaten. Hij kan namelijk niet verder omdat er een
strookje grond ligt tussen het H. en de verdere geplande
afgraving. Dat strookje is in het bestemmingsplan nog
landbouwgrond. Vergeten aan te passen. Foutje. Na 1 mei
mag er trouwens sowieso niet meer gegraven worden, dus
ze hebben nog een paar maanden tijd om de administratie
rustig op orde te brengen.
Hé, daar zit onze vreemde vogel ook! We zien hem elke
dag, maar meestal zit hij verder weg in de wei. Hij is
helemaal niet schuw nu en laat zich mooi van alle kanten
bekijken.

12 april. Duizenden dikkopjes moeten er wel in de vijver
rondkrioelen. Als de zon even goed door wil schijnen, verschijnen ze dicht onder het wateroppervlak. Met mijn
neus bijna in de vijver kon ik er een paar portretteren.
Ze zijn van verschillende leeftijden. Sommige zijn
alleen nog maar een kommaatje, andere al een
uitroepteken.
Hoeveel ervan zullen volwassen vette bruine kikkers
worden? Ongeveer één op de duizend, las ik. Op de foto
loeren de slakken al vanonder omgebogen blaadjes.
De dotters staan bij ons dit jaar niet in zulke grote
pollen als vorig jaar. Toch mogen ze zich even laten
zien om hun vrolijke uitstraling. Boven het gemoord
onder hun voeten.

11 april. Vandaag stel ik u een paar ziektebeelden voor.
Op tv worden we bijna dagelijks lekker gemaakt met de
vreselijkste ziektes. Hoewel, de radioreclame kan er ook
wat van. Vooral rond de middag- en avondmaaltijd komen
overactieveblaas-problemen, hart-en vaatziekten en
kanker de gezelligheid verhogen. Als vroegeling wil ik
ook mijn steentje bijdragen. Al voor het ontbijt heb ik
de volgende afwijkingen opgemerkt.
Het tomthumbsyndroom. Dit uit zich in het dwangmatig
wegwerpen van oranje snoeppapiertjes tot een spoor van
triestmakende fleurigheid. Komt vooral tijdens
boswandelingen tot uiting.
De afvalbakfobie. De patient durft zijn lege
Marlborodoosje niet in een van de bakken te gooien die
om de 50 meter langs het Hilgelopad staan. Van vijf
meter na een bak tot twee meter voor een bak liggen de
roodwitte doosjes. Tien nu al. Mee terug naar huis nemen
naar de eigen bak is kennelijk ook te bedreigend.
Koffiefilterzakjes zijn er in wit en bruin. Volkoren wou
ik al bijna zeggen. Zou het geen goed idee zijn om
papieren zakdoekjes ook in die uitvoeringen te maken?
Wit voor binnen, bruin voor buiten?
Vanmorgen heb ik toch maar weer met mijn vuilniszakje en
de grijper de naaste omgeving van ons huis
schoongemaakt. Vooral door jongeren word ik dan vaak
bekeken of ik gek ben. Achteromkijkend en nog eens
achteromkijkend fietst de schooljeugd lachend door.
Misschien was ook die jongen of dat meisje erbij, dat
van de week zes witte boterhammen weggooide, om de paar
meter één.