Berggeest 6
- Ohrenkuss
Ik denk dat weinig mensen in Nederland het blad
Ohrenkuss kennen. In Duitsland trouwens ook niet, hoewel het daar
verschijnt. 2x per jaar, abonnementsprijs €21, voor 2x35
pagina's, losse nummers
€12. De teksten staan vol schrijffouten, soms
bestaat een tekst uit maar 1 regeltje, er is maar één
thema per nummer, eigenlijk wel erg mager voor dat geld.
Toch zijn er 2500 abonnees.
Wie schrijven erin, wie is de hoofdredacteur? De
hoofdredacteur is Katja de Bragança,
oprichter en al 8 jaar de drijvende kracht achter
Ohrenkuss. De redactie bestaat verder uit de 7
schrijvers die er al bij zijn vanaf het eerste nummer
plus 5 anderen die er later bijkwamen. De 30 mensen die
te ver van Bonn afwonen om naar de tweewekelijkse
redactievergaderingen te komen, zijn correspondenten en
leveren hun tekst per post of e-mail in. Het 'anders dan
gewoon' van dit project is, dat alle mensen behalve de
hoofdredacteur het syndroom van Down hebben.
Het project is vooral een succes
geworden door de aanpak van Katja de Bragança, want
1. er zijn alleen mensen
bij die zichzelf aangemeld hebben,
2. ze gaat niet op haar hurken zitten,
2. ze pakt de schrijvers stevig aan, zoals: 'We hebben
vandaag veel te doen. Ik wil een paar goede teksten,
anders denken onze lezers dat jullie gestoord zijn.'
Gegniffel. 'Vandaag moet er een tekst geschreven worden over
beschermengelen.' Een van de aanwezigen weigert een titel
te bedenken. Katja: 'Herr Göpel, we zijn profs, we
willen professionele teksten en daar hoort ook een titel
bij'. Tien minuten later staat boven de bladzij waarop
Herr Göpel vertelt over de engelen die over iedereen op
aarde waken:
'Beschermengelen - de internationale
verzekering'
Hoe komt het verder dat dit zo'n
geslaagd project is?
In de eerste plaats doet De Bragança geen concessies om
aan geld te komen. Ze wil geen moeder Theresa zijn.
In de tweede plaats zijn de onderwerpen niet kinderlijk.
Katja: 'Mijn collega's hebben de ervaringen van
volwassenen, ze hebben echter geen filter tussen zichzelf
en de wereld om hen heen. We moeten ze ook niet
uitleggen hoe het leven in elkaar zit, maar hoe de
kaartjesautomaat werkt'.
Ze stond als biologiestudente begin jaren '80 alleen met
haar idee mensen met het syndroom van Down op dit niveau
te leren lezen en schrijven. Natuurlijk zijn er
goede en slechte 'mongolen' en velen zullen het
inderdaad nooit leren, maar deze groep laat zien dat er
heel veel mogelijk is. Het blijkt ook dat deze
schrijvers in de eerste plaats schrijver zijn en niet
gehandicapt. Een paar voorbeelden:
Op de vraag in het
dierennummer Hoe ziet een ree eruit, antwoordt een
schrijver: 'Een ree is een ziel met vier benen.' Je zult
hier misschien om moeten glimlachen, niet alleen omdat
dit zo lief klinkt, maar ook omdat het klopt. Alleen zou
je er zelf nooit opgekomen zijn.
In het nummer over mode, antwoordt een schrijver op de
vraag hoe de mensen in 2053 gekleed gaan: 'Ze dragen dan
allemaal brandweerkleding, omdat het overal brandt'.