Ik wil ze
vergeten, die 'gelukkige' jaren 50,
tenminste voorzover ze de sfeer van
bekrompenheid weer in herinnering brengen.
In de jaren vijftig ben ik himmelhoch
jauchzend en zum Tode betrübt geweest. Dat
laatste door de benepen sfeer die
er heerste. Daarom zal ik ook niet naar die leuke
tv-serie kijken.
Wat anderen goed of slecht van je zouden
kúnnen vinden, woog zwaarder dan je eigen oordeel
daarover. Deze levenskijk
bepaalde zeer negatief mijn
eerste 10 huwelijksjaren. Dít mocht niet,
dát moest juist. En overal waren ogen.

'Nachtmerrie' acryl op doek 60x80
Ik denk weer aan De Rooms-Katholieke Kerk,
die onder haar onfeilbare mannelijke leiding natuurlijk
nooit fouten maakte, maar wel liefdeloos
de menselijke aantrekkingskracht veroordeelde,
en aan
de Buren, die zo belangrijk waren dat je je
aan hen aan moest passen, want wat zouden ze
wel niet denken als…,
de Familie, de RK kant, die zó verdríetig en
boos was om je domme huwelijk en die je
dreigde met hel en verdoemenis als je niet
RK werd of je kinderen geen RK opvoeding
gaf,
de Familie, -een paar tantes en ooms
tenminste- van de protestantse kant, die zó
verdríetig was om je domme huwelijk en je
chanteerde met onttrekking van liefde en
geld.
Ik word nu weer kwaad als ik aan dat
gehuichel denk, vooral aan het bezoedelen
van wat mooi en goed was.
In ons leven
hebben zich, zoals in elk leven, pijnlijke
en verdrietige perioden voorgedaan, naast
ingelukkige en liefdevolle. We zijn beiden
de moeilijke beginjaren in een bekrompen
wereld niet vergeten, maar hebben ervan
geleerd om naar eigen inzicht te handelen. Nu
kunnen we de nare dingen relativeren en ons
huidige geluk mede afmeten aan die tijd van
geestelijke onvrijheid.
Toen was geluk nog heel gewoon?
Geluk is helemaal
niet gewoon. Geluk was nooit gewoon.
Je moet eraan werken, en vaak heel hard werken
aan die zware maar prachtige opdracht
'gelukkig zijn'.