1947
De rampen
komen traag als nieuws in huis
alleen een
stem die over aantal doden spreekt
en dominee
die door de ether preekt
't is Godes
wil en ieder draagt z’n kruis.
Bekend
terrein, Gustaaf Doré helpt mee,
geeft ons een
kinderbijbelvast idee van
wegen, ezels,
stof en huizenhoog het puin.
In ‘t Luxor
zíen wij dan de ramp; bij ‘t Polygoon
valt ongewoon
een zwarte spikkelsneeuw
langs echte
huizen met gescheurde muren,
langs vrouwen
die bedeesd door spleten gluren,
langs monden
wijd gesperd in leedvertoon.
Maar het
verjaardagsfeestje is geslaagd:
want
zakdoekjes verfrommeld, nat van tranen,
vriendinnen
snikken, slikken, huilen samen
als Bambi
toch gelukkig wordt voor ’t licht
aangaat.